Montbéliarde

Dit ras komt uit Frankrijk, om precies te zijn de Jura, een bergachtige streek in het oostelijke deel. Het ras is in principe vrij nauw verwant met het simmenthal-ras, welke zich enerzijds profileert als de simmenthaler in Zwitserland en anderzijds als het fleckvieh in Duitsland en Oostenrijk. Het grote verschil tussen de montbéliarde en de simmenthaler/fleckvieh is dat van deze drie de montbéliarde het meest op melk gefokt is, terwijl die anderen in tweespalt gegaan zijn en zowel het melktype danwel het vleestype kennen.
Aangezien in de Jura de druiventeelt voor de koeien ging werden de montbéliardes geweid op de hoger gelegen onherbergzame percelen. Dit leefmilieu leidde tot de sterkste eigenschappen van dit ras: een hard beenwerk, kracht en macht en een zeer hoge zelfredzaamheid.
Ook staat de montbéliarde bekend om haar vruchtbaarheid en afkalfgemak. Het laatste heeft er vooral mee te maken dat deze dieren lange, hellende kruizen hebben. Dit in combinatie met de hoge staartinplant geeft een buitengewoon ruime geboorteweg.
De montbéliarde wordt al meer dan 15 jaar in Nederland gebruikt om in te kruisen, zij het eerst mondjesmaat maar de laatste jaren is de populariteit sterk gestegen. Mede vanwege het feit dat ze een zeer vlakke lactatiecurve kennen en melk geven met een redelijk scherpe vet-eiwitverhouding.

Enkele cijfers:
  • Populatie telt 2.500.000 dieren wereldwijd
  • 360.000 in de melkcontrole
  • 170.000 geregistreerd in het stamboek
  • Gewicht volwassen koe ca.700-800 kg
  • Ca 500 kg melk minder dan de HF